De prenten van Antonius Sanderus (17e eeuw)




SINT-MICHIELS  -  KASTEEL VAN TILLEGEM


(Antonius Sanderus – Flandria Illustrata 1641)





Deze prent van Sanderus toont ons het Kasteel van Tillegem. Dit kasteel bestaat nog in een zeer goed bewaarde en gerestaureerde conditie. Het is gelegen langs de Tillegemstraat in Sint-Michiels, sinds 1971 een deelgemeente van de stad Brugge.

Het domein met het kasteel van Tillegem is gelegen in de bosrijke omgeving tussen de Torhoutse Steenweg en de Tillegem- en Wittemolenstraat. Naar verluidt is Tillegem ontstaan als deel van het koninklijk domein Snellegem.

Vermoedelijk pas in de loop van de 12e eeuw - en ten laatste in de 13e eeuw - is het door de graaf van Vlaanderen aan de heer van Voormezele afgestaan in ruil voor de tiendeninkomsten van de kanunniken van Sint-Donaas.

De oudst gekende heer van Tillegem is Jan uit het huis van Voormezele. Daarna kwam het kasteel onder meer in het bezit van welstellende stedelijke families zoals Hubrecht, van Aartrijke en van Overtvelt, en van onder meer Jan de Baenst, de families van Poecke, de Burchgrave, de Matanca, de Schietere de Damhouder, le Bailly de Tillegem, Koenigs, de Peñaranda de Franchimont, de Briey en Verhaegen.

Het kasteel bestond zeker reeds in 1547 als een kasteel met een vierkante vorm en een volledige brede omwalling.

Deze prent van Sanderus van omstreeks 1640 is van de hand van zijn medewerker Vedastus du Plouich. Deze prent geeft een duidelijk beeld van het kasteel en van het neerhof. De omgrachte burcht bestaat uit vier vleugels, die rond een binnenplein liggen. Ten westen van het kasteel bevindt zich het L-vormig neerhof. De noordelijke vleugel bestaat uit een kapel, stallingen en een poortgebouw.

In de westelijke vleugel onderscheiden we de schuur en het woonhuis. Tegen de zuidpoort staat een duiventoren. De ommuurde renaissance-tuin is in acht compartimenten verdeeld. In het midden siert een paviljoen van houten latwerk het geheel. Een restant van deze moestuinmuur is vandaag nog zichtbaar ten zuiden van het kasteel.

In de 18e eeuw, waarschijnlijk in 1766 toen het kasteel in het bezit kwam van de familie le Bailly de Tillegem, onderging het kasteel een grondige wijziging want in de westvleugel werd de hoofdtoren gesloopt en binnenin een nieuwe indeling gemaakt die tot op heden is bewaard; de overige vleugels werden tot op de kelderverdieping afgebroken.

In 1879 kwam het kasteel in handen van de familie de Peñaranda de Franchimont. In opdracht van de nieuwe eigenaar wordt het kasteel opnieuw verbouwd. Vóór de gevel werd een nieuw bakstenen parement gemetseld, de bestaande vensteropeningen tot kruisvensters verbouwd en aan de ingang werd een geveltoren opgetrokken.

In 1905 werd de geveltoren ter hoogte van de daken nog verhoogd en werd onder meer voorzien van kleine arkeltorens.

In 1963 werd het kasteeldomein, evenwel nog zonder het kasteel, aangekocht door de Provincie West-Vlaanderen en opengesteld voor het publiek. Het kasteel zelf kwam pas in 1980 in handen van de Provincie. Thans is het domein een provinciedomein.

Vóór de provincie het kasteel in gebruik nam, werd het eerst grondig gerestaureerd. Ter afronding van de restauratie van het kasteel werd in 1986 een formele tuin aangelegd met de bedoeling het kasteel een kader te geven en de omgeving te structureren. De tuin vormt een noodzakelijke schakel tussen het kasteel en de spontane natuur van de omliggende bossen en graslanden.

In 1985-1987 was er opnieuw een grondige restauratiecampagne, vooral dan van het interieur. De boven- en zolderverdiepingen werden aangepast naar administratieve functies.

De toegangspoort is een restant van de noordvleugel van het zeker 16e-eeuwse neerhof waarin zich de kapel, de stallingen en de noordpoort bevonden. Enkel de tudorboogingang bleef bewaard in een verbouwd muurfragment. Boven de ingang zit in een kader met geprofileerde omlijsting, het wapenschild van de familie de Schietere de Damhouder, vastgehouden door twee klimmende hazewinden.

(Bronvermelding: Onroerenderfgoed.be)