De prenten van Antonius Sanderus (17e eeuw)




OPDORP  -  KASTEEL EN KAPEL


(Antonius Sanderus – Flandria Illustrata 1641)




Kasteel

Op deze prent is het Kasteel van Opdorp te zien. Opdorp is een deelgemeente van Buggenhout in de provincie Oost-Vlaanderen.

Het kasteel en het parkdomein bestaan tegenwoordig nog op deze plaats, zij het in een gewijzigde vorm. Het kasteeldomein bevindt zich langs de Vekenstraat in Buggenhout.

Het eerste stenen kasteel werd rond 1435 gebouwd door Mathilde van Assche, Vrouw van Opdorp en Adriaen van Marselaer met wie ze in 1420 was gehuwd.

Op de prent van Sanderus uit de Flandria Illustrata van 1641 is het toenmalige kasteel te zien. Het kasteel heeft twee bouwlagen en een zadeldak met getrapte dakkapellen en zijtrapgevels. Het kasteel ziet er op de prent volledig omwald uit.

Volgens de tekst van Sanderus werd het gebouwd door de heren van Marselaer.

In het landboek van Opdorp van 1694 werd het kasteel weergegeven met een dubbele omgrachting. Het was toen in het bezit van de familie van de Werve.

In 1747 was het kasteel in handen van de familie Puteanus en dit tot het einde van de 18de eeuw.

Na verschillende verkopen kwam het domein in 1824 in handen van burggraaf Desiré Hubert de Nieulant et de Pottelsberge die het oude kasteel vermoedelijk ook enkel als buitenverblijf gebruikte.

Zijn zoon, burggraaf Desiré Constant die hem sinds 1851 opvolgde, vestigde zich permanent in Opdorp. Van 1852 tot 1863 was hij burgemeester van het dorp.

Omstreeks 1852 liet hij het oude kasteel afbreken en op dezelfde plaats een nieuw kasteel bouwen. Dit kasteel had ook een dak, maar had nog geen zijvleugels. Het kasteel had 3 verdiepingen, een keuken en serres.

Ook het kasteeldomein werd uitgebreid en verfraaid. In vervanging van de vroegere boerderij kwam er een prachtig park met zeldzame bomen en planten.

In 1863 werd het kasteel opnieuw uitgebreid met twee in U-vorm aangebouwde vleugels. De omgrachting aan de voorzijde werd gedempt en achter het kasteel omgevormd tot een slingervijver.

De serres en de paardenstallen met koetshuis werden gedeeltelijk gereconstrueerd in 1870 en een ijskelder werd aangelegd in de noordwesthoek van het domein in 1881.

Desiré Constant werd opgevolgd door zijn zoon, burggraaf François Henri Désiré de Nieulant et de Pottelsberghe. In 1885 nam deze het kasteeldomein onder handen. In dat jaar werden aan zijn kasteel twee zijvleugels gebouwd. In een hoek van het 9 ha grote park kwam er met de hulp van talrijke Opdorpenaars een grote en prachtige ijskelder. Overbodige vijvers werden gedempt en een andere gedolven.

Toen Burggravin de Nieulant overleed op 30 januari 1922, op bijna 79-jarige leeftijd, werd een lange episode afgesloten.

Reeds in december 1923 werd het kasteel en alles wat erbij hoorde door de dochter Adeline en schoonzoon d’Udekem d’Acoz, echtgenoot van Madeleine de Nieulant, verkocht.

Dit was het nu nog bestaande kasteel met in de linker zijgevel nog een gevelsteen met wapenschild van de familie de Nieulant et de Pottelsberge en banderol met spreuk: "Marte et arte Nieulant".

De nieuwe eigenaar verplaatste de toegang tot het domein dichter bij de Dries en liet het huidige platte dak aanbrengen na een hevige brand in 1924.

Tussen 1927 en 1948 hadden nog verschillende verkopen plaats en kende het kasteeldomein diverse bestemmingen, onder meer als bakkerij en kippenkwekerij.

In 1948 werd de Congregatie van priesters van het Heilig Hart eigenaar en kreeg het domein zijn huidige bestemming, eerst onder de benaming "Jongenstehuis Prins Albert" en sinds 1977 "MPI – Capelderij" met een aanpassing van het kasteel en de bijgebouwen en de oprichting van nieuwe klaslokalen en paviljoenen.

In het kasteel werd in 1984 ook het Heemkundig museum Ter Palen gevestigd. Dit belicht de geschiedenis van Buggenhout.

Het kasteel betreft thans een bakstenen gebouw in eclectische stijl, op een rechthoekige plattegrond. Dit alles gelegen in een park in Engelse landschapsstijl dat nog gedeeltelijk behouden is.

Tussen 2016 en 2019 werden de restanten van de ijskelder gerestaureerd. Sindsdien is de heropgebouwde ijskelder in gebruik als winterslaapplaats voor vleermuizen.

In 2023 werden de voormalige paardenstallen met koetshuis volledig gesloopt.


Kapel

Op de prent van Sanderus is tevens rechts een kapel te zien.

Reeds in 1435 werd door Adrien van Marselaer, heer van Opdorp, een kapel opgericht gewijd aan Onze-Lieve-Vrouw.

Deze kapel stond op de Dries in Opdorp. Het was een middeleeuwse Mariakapel, die op zon- en feestdagen bediend werd door de geestelijkheid van Malderen (hertogdom Brabant) als parochie-afhankelijkheid.

Deze kapel werd vermoedelijk omstreeks 1600 in een laatgotische stijl heropgebouwd.

Het is deze kapel die op de prent van omstreeks 1640 te zien is.

Angelique Theresia van Marselaer, Vrouw van Opdorp en kloosterzuster, schonk bij testament in 1727 een aanzienlijk bedrag aan de abdij van Affligem met de opdracht een aanvraag in te dienen voor de parochiale zelfstandigheid en de kapel op de Dries om te bouwen tot een parochiekerk onder de aanroeping van de H. Amandus.

De kerk werd gebouwd. In 1732 werd de parochie officieel erkend.

Het bedehuis onderging vanaf 1883 een nieuwe bouwfase. In 1885 was de kerk fors vergroot.

Van 1993 tot 2003 werden er restauratiewerken aan de kerk uitgevoerd.

(Bronvermelding: Onroerenderfgoed.be; Mariaparochie.be)