De prenten van Antonius Sanderus (17e eeuw)
MENU
Terug naar HOMEPAGINA
Terug naar INHOUDSOPGAVE
MULLEM - DORPSGEZICHT
(Antonius Sanderus – Flandria Illustrata 1641)
Op deze prent van Sanderus is een dorpsgezicht te zien van Mullem omstreeks 1640. Mullem is thans een deelgemeente van de stad Oudenaarde in de provincie Oost-Vlaanderen.
Mullem is een valleidorp met een vroeg-middeleeuwse bewoningssite, die nog grotendeels overeenstemt met de huidige dorpskern.
De parochie te Mullem zou in de Karolingische periode kunnen ontstaan zijn.
Hetgeen op deze prent te zien is, is nu nog steeds zeer herkenbaar aanwezig in Mullem.
We zien op deze prent de pastorie, de Sint-Hilariuskerk, het kasteel en het neerhof.
Mullem was 1 van de 33 dorpen van de kasselrij Oudenaarde. Het was geen leengoed maar een allodium, een vrij eigengoed. Dat betekent dat de heren hun goed van niemand in leen gekregen hadden, maar er steeds volledig bezitter van waren en er alle vormen van justitie en bestuur konden uitoefenen, een vrij zeldzaam kenmerk. Ook het naburige
Huise was vóór 877 afhankelijk van de parochie Mullem.
De heerlijkheid was steeds in handen gebleven van de nakomelingen der eerste heren; de heren "van Mullem", die de naam van dit land hebben gedragen. De heren van Mullem bezaten hoge, middelbare en lage justitie.
De eerste heer van Mullem was hoogbaljuw van Oudenaarde.
De vrije heerlijkheid Mullem, ging in 1326 over naar de familie Cabilau, waarvan meerdere burgemeester werden van het naburige Oudenaarde, waar ze residentie hadden.
In 1617 kwam het goed door vererving naar hun opvolgers, de le Poyvre's die een hoofdrol speelden in de stad Oudenaarde als burgemeesters en burggraven.
De Slag van Oudenaarde in 1708 werd ook te Mullem in de omringende kouters uitgevochten. Dit was één van de vier belangrijke veldslagen tijdens de Spaanse Successieoorlog. Europese mogendheden stonden oog in oog met de troepen van het koninkrijk Frankrijk en het Spaanse Rijk. Dankzij de overwinning van de geallieerden ontsnapten de toenmalige Spaanse Nederlanden aan het bewind van Lodewijk XIV van Frankrijk.
Naast landbouw kende in de 17e-18e eeuw de lijnwaadindustrie een enorme bloei, mede dankzij de aanleg van de nieuwe weg Gent-Oudenaarde (1771), die de marktproductie bevorderde. Sinds de omschakelingen en schaalvergroting in de landbouw vanaf eind 19e eeuw, is de bevolking gaan teruglopen en nam het aandeel in de pendelarbeid toe.
Langs een zijlijn van het geslacht le Poyvre belandde Mullem in 1816 bij de baronnen de Nève de Roden, in 1847 bij de familie Wargny en via de familie van Oost naar de baron de Gerlache de Gomery; deze was van 1952 tot 1970 burgemeester en werd opgevolgd door Mevr. de Gerlache de Gomery, van 1970 tot 1977.
Pastorie
De eerste, omwalde, voormalige pastorie staat reeds op de prent van Sanderus. De huidige pastorie dateert waarschijnlijk uit het eerste kwart van de 19e eeuw en werd waarschijnlijk op het einde van de jaren 1840 opgetrokken tot 2 bouwlagen.
Kerk
De kerk die te zien is op de prent is de parochiekerk Sint-Hilarius, gelegen langs de huidige Mullemstraat. De kerk heeft in de kern een romaanse kruisingstoren en een deels ommuurd kerkhof.
De eerste gegevens van een eerste bedehuis op deze plaats gaan terug op een charter van Lodewijk II van 877.
De kerk werd waarschijnlijk in de tussentijd verbouwd tot de kerk die te zien is op deze prent.
De kerk was oorspronkelijk wellicht gebouwd ten behoeve van de heer en zijn gevolg. De stichtingsdatum wordt gesitueerd in de 12e eeuw. Het patronaatsrecht van de kerk behoorde toe aan het kapittel van Doornik.
De oorspronkelijke romaanse kerk werd aangepast circa 1615-1625 met de bouw van het koor, de kapel en het schip. In 1637 gebeurden er nog eens verbouwingswerken.
Omstreeks 1817 werd bij de afbraak van het kasteel van Huise een laat 18e-eeuws portaal in de westelijke gevel van deze kerk geplaatst. Tussen 1858 en 1861 werd de kerk gerestaureerd en iets vergroot.
In 1952 werd de toren volledig gerestaureerd. Deze werd volledig afgebroken en heropgebouwd met de oude stenen. Ook in de jaren 1980 gebeurden er herstellingswerken.
Kasteel
Op de plaats van het kasteel dat op de prent te zien is, staat ten zuiden van de kerk nog steeds een klein kasteel (eigenlijk meer een grote villa). Het kasteel is nog steeds omwald. Het domein staat bekend in de streek als het “Klein Kasteeltje”.
Het kasteel is gebouwd op een minstens 16e-eeuwse kern, namelijk een vroegere feodale omwalde mote met ophaalbrug; het was eigendom van de heren van Mullem tijdens de middeleeuwen.
Het kasteel was oorspronkelijk slechts te bereiken via het naastliggende neerhof dat leidde tot een grote vierkante plaats waarrond landelijke gebouwen en duiventillen stonden.
Omstreeks 1910 werd het kasteeltje uitgebaat als herberg. In 1919 kwam het in het bezit van F. Neve, G. Van Oost liet het circa 1920 heropbouwen.
Vanaf 1948 werd het kasteel eigendom van de barones de Gerlache de Gomery.
De familie de Gerlache de Gomery is tevens in het bezit van een iets verderop gelegen kasteel in het dorp Huise, gekend als “Kasteel de Gerlache” of ook wel “Kasteel den Ast”.
Neerhof
Geheel op de plaats van het vroegere neerhof van het kasteel, zoals te zien op de prent van Sanderus, is thans nog steeds een hoeve gelegen.
De huidige hoeve dateert waarschijnlijk deels uit de 18e (balk van schuur met inscriptie 1790) en deels uit de tweede helft van de 19e eeuw en bestaat nog steeds uit losse bestanddelen rond een groot vierkant erf.
Deze hoeve was vroeger de enige toegang tot het versterkte kasteel.
Van de oorspronkelijke hoevegebouwen uit de eerste helft van de 17e eeuw is behalve de vierkante vorm niets overgebleven.
(Bronvermelding: Onroerenderfgoed.be)