De prenten van Antonius Sanderus (17e eeuw)




MALDEGEM  -  KASTEEL REESINGHE


(Antonius Sanderus – Flandria Illustrata 1641)





Op deze prent van Sanderus is het Kasteel Reesinghe te zien circa 1640. Dit kasteel bevond zich in Maldegem (provincie Oost-Vlaanderen) op de plaats waar zich nu nog een landhuis bevindt dat werd gebouwd in 1858 door de familie Pecsteen-de Lampreel op de historische site van het voormalige heerlijk kasteel van Maldegem. Deze site is gelokaliseerd langs de Brugse Steenweg in Maldegem.

De heerlijkheid Maldegem strekte zich uit over het hele grondgebied van het Ambacht Maldegem in de parochies Maldegem, Adegem en Sint-Laureins met de heren van Maldegem als belangrijke feodale heren. De heerlijkheid Maldegem bleef in dezelfde familie vanaf Salomon tot Filips IX van Maldeghem. In 1483, door schijnverkoop aan de familie van Halewijn, nadien aan het huis van Claerhout, Vilain, Zuniga y Mendoza en de Fonseca y Ayala. Door huwelijk van barones Zuniga y Fonseca met de Spaanse don Juan Domingo, graaf van Monterey en Fuentes, in handen van laatstgenoemde familie. De laatste heren waren de prinsen van Croy.

Hun heerlijk verblijf was het domein van Reesinghe.

Het is dit kasteel dat hier op deze prent wordt voorgesteld in Sanderus’ "Flandria Illustrata" van 1641.

Het kasteel was een in L-vorm opgetrokken renaissancegebouw met een kenmerkend zeszijdig traptorentje, omgeven door een brede gracht en door een dreef verbonden met het dorpscentrum.

De toestand die werd weergegeven op de prent van Sanderus gaat om een verbouwing door Jacob van Noijelle, echtgenoot van Anna van Claerhout. De van Claerhouts waren de opvolgers van de van Halewijns.

De Ferrariskaart (1777) toont nog de oude site met de walgracht met een cirkelvormige omgrachte mote en een rechthoekig omgracht kasteel, door dreven verbonden met het dorp en met het galgenveld.

Het kasteel werd herhaaldelijk vernield en heropgebouwd tot op het einde van de 18e eeuw. In het begin van de 19e eeuw was het kasteel nog een ruïne. Verschillende tekeningen, onder meer van A. de Noter, overgenomen door A. Heins rond 1900, tonen de indrukwekkende ruïnes waarvan enkel het traptorentje overeind bleef en twee imposante lindebomen bij de ingang.

Het huidige landhuis op het domein werd opgetrokken door Charles Pecsteen-de Lampreel voor zijn dochter Ida gehuwd met Camille Rotsart de Hertaing. Het is gebouwd in een neogotische baksteenarchitectuur.

Ten oosten van het huidige landhuis ligt nu nog een begroeide heuvel omgeven door een halfcirkelvormige omgrachting en een wal als restant van de vroegere meervoudige site met walgracht zoals nog te zien is op de Ferrariskaart van 1777.

Vermoedelijk gaat het hier om de oude motte van het oorspronkelijke slot van de heren van Maldeghem waar op een oude kaart van Pourbus (1561-1571) inderdaad nog een gebouw zichtbaar is. Dit was waarschijnlijk nog een vroegere versie dan het kasteel dat op deze prent van Sanderus te zien is.

Aan de noordzijde, boven op de heuvel, bevindt zich nu nog de ingang van een ijskelder. Een open trap daalt er af naar een overwelfde gang met een fraai bakstenen toegangssas dat leidt naar een gewelfde kamer waar vleermuizen in overwinteren.

De oude, halfcirkelvormige omgrachting is nu nog verbonden met de vroegere rechthoekige omgrachting van het oude kasteel en werd bij het vernieuwen van het kasteel in 1858 aangepast tot een meer cirkelvormige aanleg met een verbrede vijver aan de zuidzijde en verschillende brugjes.

(Bronvermelding: Onroerenderfgoed.be)