Moregem
 
Kasteel van Moregem (1813)






Op deze tekening van Séraphin Vermote, gedateerd 1813, is het Kasteel van Moregem te zien.

Moregem is thans een deelgemeente van Wortegem-Petegem (provincie Oost-Vlaanderen).

Op de plaats van het kasteel dat op deze tekening te zien is, namelijk langs de Heerbaan in Moregem, stond eerder een groot waterkasteel. Het kasteel werd gebouwd in 1588 en had een neerhof en drie opeenvolgende bruggen. Sanderus noemde dit domein in zijn Flandria Illustrata "Praetorium De Mooreghem".

Het kasteel werd gebouwd door Karel van Spiere in een renaissancestijl. De grachten werden gevoed door de Molenbeek.

Volgens Sanderus (Flandria Illustrata, 1641) was de heerlijkheid eertijds in het bezit van de familie van Huerne. De heerlijkheid is vervolgens overgegaan naar Karel van Spiere, penningmeester van de Kasselrij van Oudenaarde. Het was Karel van Spiere die hier het kasteel liet bouwen. Sanderus noemde het een “paleis”.

Van dit kasteel zijn mogelijk nog enkele resten bewaard op de plaats waar in het latere kasteelpark een zogenaamde “grot” voorzien werd.

Het domein, dat eveneens aan de Ongnies en Adornes heeft toebehoord, kwam pas in de 18e eeuw in het bezit van de familie van Hoobrouck de Mooreghem.

De man die de opdracht gaf voor de bouw van het nieuwe, nog bestaande kasteel was Eugène François van Hoobrouck de Mooreghem. Het was een politieke figuur, die voortkwam uit een bekende Gentse adellijke familie.

Het vroegere kasteel werd afgebroken en tussen 1792 en 1798 vervangen door een volledig nieuw kasteelensemble als "speelhof" in Lodewijk XVI- en Directoirestijl opgetrokken.

In het jaar van deze tekening (1813) was het kasteel dus nog tamelijk recent.

Het domein omvat een ommuurd park in landschappelijke stijl, een ijzeren brug en uitgebreid met bossen als jachtgebied.

Omstreeks 1920 werd de vroegere toegangsweg ten noordoosten verplaatst naar het zuidwesten en in 1953 werd het park herschapen in een populierenaanplant.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd het bezet en beschadigd. De laatste adellijke bewoonster was barones Ruzette-van Caloen de Basseghem.

In 1953 werd het verkocht en kreeg het domein een merkwaardige bestemming, namelijk een uitbating bestemd voor kleinveeteelt.

Het kasteel is thans onbewoond, reeds jaren verwaarloosd en min of meer in gebruik als magazijn. De dienstgebouwen worden deels gebruikt als woonhuis.

Het kasteel was nog steeds in staat van verval tot een grote uitslaande brand op 9 maart 2025 nog meer vernielingen aanrichtte.

(Bronvermelding: Onroerenderfgoed.be)