Antwerpen
Grote Markt
MENU
Terug naar HOMEPAGINA
Terug naar INHOUDSOPGAVE
Antwerpen : Grote Markt
Ansichtkaart van
1923
versus Foto (Google Maps) van
2009
De Grote Markt van Antwerpen is een plein in de stad Antwerpen (provincie Antwerpen), gelegen in de oude stad. Op wandelafstand (via de Suikerrui) bevindt zich de Schelde. Het is een plein met veel gildehuizen.
De Grote Markt was een forum of plein net buiten de middeleeuwse woonkern. Hertog Hendrik I van Brabant (1165-1235) schonk deze gemeenschapsgrond in 1220 aan de stad. De naam Merct kwam voor de eerste keer voor in 1310. In die tijd vonden hier de eerste jaarmarkten of foren plaats, kooplieden deden hier zaken. In de 16de eeuw werd de naam in Grote Markt gewijzigd.
De blikvanger is het stadhuis, gebouwd in Renaissancestijl, op de grondvesten van het oudere afgebrande stadhuis. Het staat sinds 1999 op de werelderfgoedlijst van UNESCO. Het stadhuis is een renaissancegebouw, dat werd gebouwd tussen 1561 en 1564. Het stadhuis is overwegend gebouwd in de renaissancebouwstijl; de middelste sectie doet echter al denken aan de barok.
Op de Grote Markt vinden we ook zeer mooie gildehuizen.
Op de Grote Markt 7 is het Sint-Jorisgildehuis, ook gekend als Huis “Spaengien”, te zien. Het gildehuis van de Oude Voetboog of de Sint-Jorisgilde werd opgetrokken in 1515-1516.
Het huis "Spaengien", een huis dat zich oorspronkelijk uitstrekte van de Grote Markt tot de Oude Beurs, werd reeds vermeld in 1397. De Predikheren, eigenaars sinds 1418, verkochten het pand in 1426 aan de goudsmid Peter Bovier, die het datzelfde jaar verhuurde aan de Oude Voetboog of het Sint-Jorisgilde. De schuttersgilde verwierf “Spaengien” in 1443 in eigendom, en liet het pand in 1515-1516 in traditionele stijl heropbouwen, met een monumentaal, natuurstenen gevelfront. Vanaf dat jaar fungeerde het gebouw als gildehuis en verkoopshal genaamd het “Spanjepand”, met 26 tot 45 ‘stallen’ of kramen voorbehouden aan juweliers en edelsmeden.
Tijdens de Spaanse Furie op 4 november 1576 ging “Spaengien” in vlammen op, om in 1580-1582 in renaissancestijl te worden heropgebouwd. In dit gebouw werden tussen 1670 en 1710 geregeld theater- en operavoorstellingen opgevoerd.
De Oude Voetboog bleef eigenaar van het gildehuis, tot de verkoop als “nationaal goed” door het Frans bewind in 1798.
Via verkoop kwam het gebouw in handen van de Duitse koopmansfamilie Kreglinger, die ook de aanpalende gildehuizen “De Spieghel” en "De Arend” verwierf. Het gebouw fungeerde vanaf dan als zetel en pakhuis van een handelsfirma. De twee andere panden werden als privé-woning betrokken. In 1868 liet de firma de grotendeels gedichte pui herstellen en ijzeren traliewerk aanbrengen. Het gebouw werd in 1892-1893 gerestaureerd. In 1893 werd het Sint-Jorisbeeld (terug) geplaatst. De Stad Antwerpen kocht het gebouw in 1996.
Op de Grote Markt 11 vinden we het gildehuis “Den Arend”, ook wel gekend als “De Zwarte Arend”. De oorsprong van “Den Arend” klimt op tot vóór 1354, jaar waarin het pand voor het eerst wordt vermeld. Later komen de benamingen “Den gulden Arend” (1428) en “Den Zwarten Arend” (1667) voor. In gebruik als wijnhuis in 1400, kwam het pand in 1422 in het bezit van de familie Sanders. “Den Arend” werd in 1456 verkocht aan het Kuipers- en Schrijnmakersambacht, die het tot 1496 als gildehuis gebruikte. In 1529 verwierf het Meerseniersambacht het gildehuis. Sinds 1577 bekroonde een Maria met Kind het topstuk van de gevel, als dank voor de vrijwaring van brand tijdens de Spaanse Furie. Het gildehuis bleef in het bezit van het Meerseniersambacht, tot het in 1798 door het Franse bewind werd geconfisqueerd en als nationaal goed verkocht.
Zo kwam “Den Arend” in het bezit van de Duitse koopmansfamilie Kreglinger, die ook de aanpalende panden “Spaengien” en "De Spieghel” verwierf. In 1809 liet de nieuwe eigenaar de gevel in laatclassicistische stijl aanpassen, tot een vlak bepleisterd en beschilderd front, met registers van rechthoekige en op de bel-etage rondboogvensters. De laatgotisch geprofileerde geveltop bleef behouden, hoewel het gevelontwerp voorzag in de vervanging door een vijfde bouwlaag.
Vanaf 1880 kende het gebouw nieuwe eigenaars, die beiden de begane grond lieten aanpassen tot respectievelijk een muziekwinkel en een café. Vervolgens kwam “Den Arend” opnieuw in het bezit van de familie Kreglinger. Het pand werd volledig gesloopt en omstreeks 1906 heropgebouwd. Het gevelfront werd daarbij op basis van de nog aanwezige bouwsporen in zijn oorspronkelijke staat gereconstrueerd en bekroond door nieuwe beelden.
Het gebouw dat onder meer dienst deed als bankkantoor, werd in 1996 verkocht aan de Stad Antwerpen, en huisvest sinds 2005 de Stadswinkel.
Vóór het stadhuis op de Grote Markt bevindt zich de bekende Brabofontein. Op deze fontein bevindt zich een bronzen standbeeld van Silvius Brabo daterend uit 1887. De sage van Brabo gaat over de reus Druon Antigoon, die de hand van onwillige tolbetalers afhakte en deze in de Schelde wierp. Brabo doodde echter de reus en hakte op zijn beurt diens eigen hand af, welke hij in de rivier gooide. Antwerpen zou volgens deze uitleg van Hand werpen komen.
Het beeld is echter dusdanig gepositioneerd dat Brabo de hand richting stad lijkt te smijten. Dat kent zijn oorzaak in de beperkte afstand tussen het stadhuis en het beeld. Mocht men Brabo richting Schelde positioneren zou het lijken alsof Brabo de hand in het stadhuis wil gooien. Er zijn verschillende versies van deze sage. In één ervan slingert Brabo de hand weg van de rivier en zegt: "Daar waar de hand neerkomt, bouw ik een stad: 'Handwerpen'". Dit komt dus overeen met de richting waarin Brabo op de fontein de hand wegwerpt. Volgens de Amerikaanse historicus John Lothrop Motley en vele andere etymologisten en historici, zou de naam Antwerpen echter afkomstig zijn van het germaanse anda (aan, naast) en werpum (werf), dus een stad gelegen aan de (scheeps)werf. Een andere mogelijke oorsprong zou aan 't werp (afkomstig van andoverpis) kunnen zijn. Het woord werp verwijst naar een rivierslib of mangemaakte wal.
Naar aanleiding van de vijftigste verjaardag van de bevrijding van Antwerpen (3 september 1944) werd in 1994 een linde als vredesboom geplant.
Het plantvak is met vier kettingpalen afgeboord en voorzien van een bronzen bord met tekst. Het is een oude traditie om op markten of pleinen bomen te planten. Zo is geweten dat op de plaats waar nu de bronzen Brabofontein staat tot 1882 daar de vrijheidsboom gestaan heeft, die na de Franse revolutie werd geplant.
Er zijn veel restaurants en cafés op de Grote Markt. Er vinden talrijke evenementen plaats. In de winter is er een kerstmarkt en wordt het plein gedecoreerd en verlicht.
(Bronvermelding: Wikipedia; Onroerenderfgoed.be)
Bekijk deze locatie in Google Street View